Verhalen

27-01-2021 Oud en kaal, dan zit je goed als boom.

Op veel plekken in  Lingezegen staan ze nu, kale bomen. Een winterse kale boom is niet alleen maar een boom, het is een leefgemeenschap van veel planten en dieren. Hoe ouder de boom, hoe beter het leven er op is. Zomer en winter.

In doorleefde bomen heeft de tijd sporen achtergelaten. Voor de meeste bomensoorten geldt: hoe ouder de boom, hoe dikker en gegroefder de bast. Ik kan me voorstellen dat voor een insectje de bast van een oude boom er uit ziet als een landschap vol kloven, plateaus, grotten, mosbossen en waterpoeltjes. Een wereld op zich. Ze leggen eitjes verstopt in de groeven en ook larven volwassen insecten wachten hier beschermd het voorjaar af.

Takken die in de loop van tijd afbreken laten een open wond na, waar holtes kunnen inrotten. Dikke wortels groeien soms deels bovengronds, vaak omdat er grond weggespoeld is. Zo ontstaan ideale plekken om te overwinteren of om bescherming te zoeken tegen roofdieren, kou en regen. Voor muisjes tussen de wortels, waar ook egels kunnen wegkruipen om te overwinteren en voor vleermuizen in de holtes. Vogels als spechten en boomklevers slaan hun wintervoorraad aan zaden en noten op in hoekjes en gaten van de boom.

Oude knotwilg langs de waal bij Lent.

 

Opvallend is het grote verschil tussen soorten bomen die hier inheems zijn en soorten die van elders gehaald zijn in ‘recente’ tijd. Denk bij ‘recent’ niet te benauwd. De tamme kastanje en de walnoot, die de Romeinen meenamen om wat lekkers te kunnen eten in deze barre streken, zijn nog steeds niet ‘eigen’ voor de inheemse insecten. Op een tamme kastanje worden vijf insectensoorten aangetroffen, op de walnoot vier terwijl een wilg er aan 450 levenskansen biedt en een zomereik aan 423. Dit geldt ook voor boomsoorten die nu geïmporteerd worden; ze bieden minder kansen voor biodiversiteit dan inheemse boomsoorten.

In Lingezegen zijn op veel plekkenbomen aangeplant, vooral veel inheemse soorten, waarvan het de bedoeling is dat ze de kans krijgen om oud en groot te worden. In sommige delen, bij Doornik bijvoorbeeld, staan al grote oude loofbomen. Overal zal de waarde van de bomen, en van de bossen als geheel, alleen maar toenemen in de loop van jaren.

Margreet Jellema

Agenda

nieuwsbrief

nieuwsbrief

facebook

facebook-vind-ons-leuk

Reacties zijn gesloten.

×